Loading images...

ID-stroom


Voor de leerling met een individuele onderwijsvraag

Passend onderwijs; dat wensen we al onze leerlingen toe. Dat betekent dat de kinderen een zo breed mogelijke oriëntatie op het leven moeten krijgen en dat ze zich bewust moeten worden van hun mogelijkheden en uitdagingen op cognitief, gevoelsmatig en praktisch gebied. Als school daarbij de juiste ‘voeding’ biedt, kunnen zij zich op al deze drie gebieden optimaal ontwikkelen. Een van de uitdagingen daarbij is de veranderende vraag die de leerlingen vandaag de dag meebrengen. Waar het tempo vroeger kon worden afgestemd op een grote groep kinderen, en slechts enkelen extra uitleg of extra uitdaging nodig hadden, zijn nu in de klas veel meer verschillende niveaus te onderscheiden; er is in toenemende mate sprake van een individuele ontwikkelingsweg van leerlingen. En dat vraagt om extra differentiatie door de leerkrachten: opdrachten op verschillend niveau. Die differentiatie vindt grotendeels binnen de klas plaats. We kiezen namelijk bewust voor zo veel mogelijk klassikaal onderwijs. In een maatschappij waar het individualisme hoogtij viert, is het des te belangrijker dat kinderen leren samenwerken in een groep, en daarbij de verschillen die er binnen elke groep zijn, leren erkennen en waarderen.

Maar in aanvulling op de differentiatie binnen de klas zijn we gestart met projecten voor ‘individuele differentiatie’ (ID) buiten het klassikale verband. In deze ID-projecten werken groepjes leerlingen uit meerdere klassen een keer per week, gedurende zes tot acht weken, aan een bepaald onderwerp. Dat gebeurt onder schooltijd, onder leiding van een (project-)leerkracht. Voorbeelden zijn: een schaakproject, een waterproject, en projecten fietstechniek, druktechnieken en sterrenkunde. Er zijn aparte ID-projecten voor de cognitief begaafde leerlingen, en ID-projecten voor de ‘handige’ leerlingen, die vooral door te doen en te ervaren tot leren komen.